Vorige week vroeg ik mensen uit mijn omgeving op mijn weblog te reageren op uitlatingen van Henk Hagoort, voorzitter van de Raad van Bestuur van de publieke omroep. Hij betoogde, dat de aanstaande bezuinigingen ook nopen tot scherpe keuzes met betrekking tot de programmering. Henk opperde, dat het misschien tijd wordt te kiezen voor minder amusement ten faveure van maatschappelijk relevante programmering. Het kwam hem op felle kritiek te staan, o.a. omdat hij amusementsprogramma’s als Bananasplit ter discussie stelde.
Ik nam vorige week de titellijst van de publieke omroep als uitgangspunt en vroeg aan de lezers van mijn weblog (www.tonverlind.nl) om de programma’s van de publieke omroep te ranken op relevantie: geen rocket sciene, maar een aardige indicatie. Uit de respons bleek, dat het meepraten over de prioriteiten van de publieke omroep zeer wordt geapprecieerd. Zodanig, dat ook werd voorgesteld om speciaal voor dit doel een opiniesite in het leven te roepen. Bij het opzetten daarvan kreeg ik support uit mijn netwerk. En dit is het resultaat. Op deze website zullen de komende tijd actuele thema’s m.b.t. de publieke omroep worden geagendeerd. Het is dus een particulier initiatief, waarbij ik samen met mijn in ternet-vrienden als faciltator optreedt. De resultaten worden gepubliceerd en ik hoop dat ze zullen bijdragen aan een goede opinievorming rond een van de belangrijkste cultuurdragers, die we in Nederland hebben. De site mijn “publieke omroep.nl” is dus een particulier initiatief, dat wil bijdragen aan het debat. Er bestaat geen relatie naar de publieke omroep. Dit initiatief is wel ontstaan vanuit betrokkenheid bij en met de publieke omroep als instituut waarvan we allen als belastingbetaler medeeigenaar zijn.
Ton Verlind


Overkoepelende organisaties, als NPO, gaan ingrijpend te werk en zeggen dat het om bezuinigen gaat. Maar het is niet alleen de NPO, die dit toneelstuk opvoert. Ziektkostenverzekeraars willen ziekenhuizen ranken. Overheden houden zich met kledingvoorschriften bezig, oftewel denkwijzen. Ik denk dat het ingrijpend meedenken van de NPO over het voortbestaan van televisieprogramma’s in het perspectief van de andere maatschappelijke ontwikkelingen gezien moet worden. Gaat het de NPO wel om de programma’s? Gaat het CZ wel om de behandelingen? Gaat het de overheid wel om de veiligheid? Ik vrees dat we, door mee te gaan denken over het al dan niet publieke karakter van televisieprogramma’s in een fuik lopen, die ons niet alleen afleidt van de werkelijke ontwikkeling, maar ons ook medeplichtig maakt aan het verkwanselen van die publieke omroep. Verkwanselen? Jazeker, verkopen voor een bord linzen, zo te zeggen. Want hier in het geding is het eerstgeboorterecht. De identiteit en daarmee de sociale structuur van de publieke omroep en de andere maatschappelijke structuren, die momenteel worden aangevallen. Nou is een aanval niet erg, maar je moet het wel zien voor wat het is. Een doodordinaire greep naar de macht. Van overkoepelende of anderszins regelgevende organisaties. Meedenken over het schrappen van televisieprogramma’s zou je in deze context kunnen beschouwen als collaboratie. Omroepen gaan over programma’s Als ze dat niet meer mogen dan kunnen ze weg. Wie dat wil moet het zeggen. Dan weet iedereen wie de vijand is, of de vriend, in ieder geval waar hij voor staat.
Het is terecht dat de publieke omroep eveneens moet bezuinigen. Op welke wijze zal overgelaten moeten worden aan de wijsheid van de omroepen zelf maar de tijdgeest dwingt zo langzamerhand tot enige bescheidenheid in salarissen alsmede het stroomlijnen van organisaties dan wel datgene samwn doen wat samen gedaan kan worden. logistieke stroomlijning brengt zoals bij vele bedrijven heel veel geld op. Maar het zal niet zonder pijn gaan. Eigenlijk is dat niets bijzonders maar het moet nu eenmaal gedaan worden
Van mij mag Paul en Witteman ook verdwijnen,ik heb genoeg van de linkse kerk.
Anders denkende mensen afzeiken alleen hun mening telt.
Ik ben geen PVV stemmer,maar denk dat ik het volgende keer maar doe.
Heb er genoeg van om mijn belasting centen in de linkse omroep te stoppen.
Van mij mag er 1 zender overblijven.
Het spotje,we zijn er voor u telt niet voor mij,ze zijn er alleen voor de riante salarisen,
Wat ook wel minder kan.
Ik kijk liever naar rtl of buitenlandse zenders,die zijn eerlijker en beter.
Op de publieke omroep moeten de progamma’s die ons allemaal aan gaan. Sport, festivals, maar ook verslagen van beursen mode, interieur architectuur, architectuur. Ongeacht of er naar gekeken wordt.Daarnaast Intervieuws met interessante mensen (niet aleen maar nobelprijs kandidaten maar mensen die er voor de samenleving toe doen dus ook nick en simon) wetenschappelijke lectures maar ook caberet. Dingen die er in het buitenland worden gedaan op televisie gebied wat vernieuwend is. Concerten Jannes of cgo. Dan mogen de programma’s die het goed doen verkocht worden aan de commercielen. Daarnaast ruimte voor experimentele programma’s zoals in het Tvlab. Daarnaast documentaires.
Goed lopende programma’s verkopen zoals Memories, boer zoekt vrouw, spoorloos verkopen. Van het geld jonge mensen een kans geven en nieuwe ideeen. BNN vind ik een erg goed voorbeeld hoe de publieke omroep moet werken. Ze proberen veel uit maar stoppen ook weer op tijd.
Anne Marieke
Onzes inziens zou er bij de klassieke radiozender 4 aanmerkelijk kunnen worden bezuinigd.
Luistert u eens naar http://www.radioswissclassic.ch/en.
Daar wordt de gehele dag klassieke muziek uitgezonden, alleen onderbroken door de aankondigingen sec. (in twee talen – het is – Zwitserland).
Dat is eigenlijk een verademing na alle puzzeltjes en verhaaltjes zoals die nu te horen zijn op radio 4.
Bij ons staat deze zender de gehele dag aan, via de satellietschotel. In de auto horen we dan weer radio 4 en constateren het verschil.
Een ideetje?
Helaas kunnen wij u niet verblijden met een mening over de tv zenders: we kijken alleen het journaal.
‘De komende dagen’ blijkt wel een wijds begrip. Er is al dagen niets toegevoegd. Ik kijk elke dag, maar zie niets nieuws verschijnen.
Ik wacht tot er 100 reacties binnen zijn en kom dan met een samenvatting van de resultaten.
Ton Verlind
In een nog niet eens zo ver verleden was er een omroeporganisatie, die de jeugd aan zich trachtte te binden via de ogenschijnlijk aantrekkelijke ledenwervingstekst: “Je bent jong en je wil(t) wat!”. Daarmee beoogde deze omroep de indruk te wekken, dat een programma-aanbod zou worden geleverd, dat naadloos aansluit bij de (media)behoeften van jongeren. De vraag leek het aanbod te gaan bepalen. Er werd hiermee een vorm van interactiviteit of inspraak met betrekking tot de programmering gesuggereerd. In werkelijkheid, echter, ontbrak er in die wervende oproep nog één zinsnede: “En wij bepalen wel wát je wilt”.
Zoals een voetbalvirtuoos in zijn ondoorgrondelijke wijsheid eens een rake opmerking maakte over de voordelen van nadelen, zo zou de Nederlandse Publieke Omroep de aanstormende bezuinigingen kunnen (lees: moeten) aangrijpen voor een herbezinning op eigen positie en taakstelling binnen de Nederlandse samenleving. De NPO heeft zonder enige twijfel bestaansrecht, want was, is en blijft – zoals Ton Verlind het noemt: – inderdaad “een van de belangrijkste cultuurdragers van Nederland”. Het is echter wel essentieel dat er voor het “cultuurdragen” in onze samenleving draagvlak is en blijft, in dit geval waar het gaat om het programma-aanbod van radio en televisie. Het idee spreekt mij zeer aan, dat het de primaire taak van de NPO is om via radio- en tv- programma’s bij te dragen aan “de persoonlijke ontwikkeling en het verbinden van mensen”. Die programmering zou mijns inziens – getoetst aan bovengenoemde taakstelling (!) – veel meer vraaggestuurd moeten zijn (en niet zoals bij genoemde omroeporganisatie: “vraagsturend”). Wat dat betreft, voorziet de nieuwe website http://www.mijnpubliekeomroep.nl zeker in een behoefte. Bovendien zou de programmering – voor zover mogelijk – alvast vooruit moeten lopen op wat ik maar noem: de mediabeleving van de toekomst (hoe die er ook uit gaat zien).
Dit impliceert m.i. dat de NPO in deze tijd van een fundamenteel gemedialiseerde samenleving een aanbod zou moeten genereren, dat hieraan tegemoet komt door een programmering die:
• voorziet in de behoeften van doel-/leeftijdsgroepen in onze samenleving
• de consument veel (meer) keuzemogelijkheden biedt binnen het programma-aanbod
• veel interactiever is
• ( in het verlengde van bovenstaand punt) inspeelt op het gegeven dat veel mediaconsumenten zelf ook mediaproducenten zijn geworden (en dan niet alleen maar in de zin van programma’s met “funniest home videos”).
Het moet gezegd worden, dat de NPO blijk heeft gegeven veel oog te hebben voor die moderne media en de media van de toekomst, want het Mediawijsheid Expertisecentrum is mede door de Publieke Omroep in het leven geroepen. Deze organisatie heeft als belangrijke doelstelling: te bevorderen, dat de Nederlandse samenleving op een verantwoorde manier “mediawijzer” wordt. In korte tijd hebben meer dan 350 organisaties, scholen en instellingen zich als partner aan dit Expertisecentrum verbonden!
De vraag van Ton Verlind c.s. “Wat is publieke omroep en wat niet?” zou mijns inziens niet alleen beantwoord moeten worden met betrekking tot het bestaande aanbod, maar zou ook een aantal volstrekt nieuwe programmaconcepten en -formats kunnen opleveren. Dan kan in weerwil van (of misschien zelfs: dankzij) de te verwachten bezuinigingen in internationaal opzicht de “Wet van de stimulerende voorsprong” in werking treden.
.
Cees Gravendaal
20 oktober 2010 om 14:52 · Reageer
Bij het beoordelen van de omvang van bezuinigingen die de publieke omroep krijgt opgelegd zal allereerst moeten worden beoordeeld welke taken de publieke omroep heeft. Daarbij gaat het niet om kijkcijfers te scoren, maar om kwalitatief goede informatieve programma’s te maken. Nieuws en achtergronden, documentaires, cultuur en grote evenementen zijn pijlers waarop het publiek bestel is gebaseerd. Daartoe behoort ook de sport. De publieke omroep zou er goed aan doen de concurrentie aan te gaan op basis van kwaliteit en niet met kijkcijfers.
Met name de NOS nieuwsvoorziening via radio en tv schiet tekort. Om goed geinformeerd te blijven over de actuele ontwikkelingen in Nederland op politiek en sociaal-economisch gebied heeft de luisteraar/kijker onvoldoende aan de NOS. De buitenlandberichtgeving is al helemaal om te huilen. De betere dagbladen, de actualiteitenrubrieken verzorgd door de diverse omroepen bevatten meer en betere informatie over genoemde sectoren. Wie dagelijks de nieuwspagina’s van Nederlandse kranten doorneemt en de nieuws- en achtergrondrubrieken van ons omliggende landen volgt zal snel ontdekken dat de Nederlandse publieke omroep kwalitatief mager presteert. Wie de kijkcijferstrijd voert moet beseffen dat daardoor de kwaliteitseis in het gedrang komt. Daarmee bewijst de publieke omroep zichzelf een slechte dienst.
Cees Gravendaal
Heel goed initiatief deze site! Ik hou hem in de gaten
Levensbeschouwing en de publieke omroep: een goed huwelijk?
Nederland is gezegend met een rijk geschakeerde publieke omroep. Ondanks het feit dat wij meer dan 20 publieke omroepen hebben zijn de kosten relatief laag. Het huidige bestel kost jaarlijks 50 euro per inwoner, terwijl dat in Engeland 77 euro is en in Zwitserland 139 euro. Alleen in Portugal is de publieke omroep goedkoper dan bij ons. Niettemin willen de leiding van de publieke omroep en de politici in Den Haag het aantal omroepen drastisch terugbrengen, in de klaarblijkelijke overtuiging dat dit een hoge besparing oplevert en leidt tot een betere programmering.
Bestuursvoorzitter Henk Hagoort van de NPO sprak in zijn nieuwjaarstoespraak nog over het plan het aantal omroepen uiterlijk in 2015 terug te brengen naar 15. NOS-directeur Jan de Jong deed daar op 12 augustus een schepje bovenop: drie ledengebonden omroepen zijn wat hem betreft voldoende. De NOS ziet ruimte voor bezuinigingen maar dan moet de NOS zélf natuurlijk wel gespaard worden, zo haastte De Jong zich eraan toe te voegen namens de NOS.
In de visie van De Jong is er dan nog plaats voor één levensbeschouwelijke omroep. Of dat een samenvoeging zou moeten betekenen van EO, NCRV en KRO is niet geheel duidelijk. Feit is dat de KRO en de NCRV amper aandacht schenken aan het thema levensbeschouwing, terwijl de EO zich voortdurend in bochten wringt om het thema zorgvuldig te verstoppen in familieprogramma’s. Een mooie kerkdienst zul je bij deze ‘voormalige’ christenomroepen niet op het tv-scherm vinden.
Dat geeft ook allemaal niks, want we hebben nog de 2.42-omroepen. Dat zijn kleine levenbeschouwelijke omroepen die beschikken over zendtijd omdat ze hebben aangetoond een levensbeschouwelijke stroming in Nederland te vertegenwoordigen. Zo zendt Zendtijd voor Kerken nog altijd kerkdiensten uit op zondag, en het RKK (Rooms-Katholiek Kerkgenootschap) laat zich niet onbetuigd met eucharistievieringen. Ook de moslims (MON), boeddhisten (BOS), hindoes (OHM), joden (Joodse Omroep) en humanisten (Human) mogen wekelijks wat uren vullen op radio en tv. En dan is er natuurlijk de IKON, die met programma’s als Het Vermoeden probeert nieuwe vormen van vieringen op televisie te brengen, en daarmee aanzienlijk meer kijkers weet te trekken dan met de voormalige kerkdiensten.
Het probleem is echter dat genoemde kleine omroepen door de leiding van de publieke omroep steeds verder worden gemarginaliseerd. Netmanagers en radiodirecteuren verbannen de uitzendingen naar de randen van de nacht, of verplaatsen succesvolle programma’s van Radio 1 naar Radio 5, waardoor ze alleen nog via de middengolf of de kabel te horen zijn. De kleine omroepen schreeuwen moord en brand, maar blijven machteloos door de invloed van de centrale leiding. Een beroep doen op hun wettelijk verankerde functie haalt weinig uit. Er is wel vastgesteld hoeveel uren ze mogen uitzenden, maar niet op welke zenders.
Het RKK organiseerde op vrijdag 20 augustus in Hilversum een symposium over de rol van religie in het publieke bestel. Onder anderen oud-premier Ruud Lubbers, omroepcoryfee Ton F. van Dijk en mediabisschop Frans Wiertz gingen tijdens het symposium in debat over deze en andere vragen. Volgens Leo Fijen, hoofd RKK Zendtijd, moet de discussie over de rol van religie in het publieke bestel verplaatst worden van de achterkamers naar het grotere publiek. “Op dit moment wordt religie gemarginaliseerd. Religie is een grotere rol in het publieke domein gaan spelen. Wij willen uitdragen dat religie voor iedereen is, of je nou kerkelijk bent of niet”, aldus Fijen.
Fijen slaat de spijker op zijn kop. De kleine 2.42-omroepen vervullen binnen het bestel een belangrijke rol. Opheffen leidt op geen enkele wijze tot een substantiële bezuiniging op de totale omroepbegroting. Ze organisatorisch laten samenwerken is prima mogelijk, mits het redactionele werk van de omroepen maar onafhankelijk kan blijven.
De centrale leiding van de publieke omroep moet en kan de toenemende relevantie van religie in de samenleving niet langer negeren. Tussen nu en eind 2015 zijn overigens binnen de publieke omroep geen draconische wijzigingen te verwachten. Elke omroep heeft een concessie tot 1 januari 2016. Die concessie tussentijds wijzigen staat gelijk aan onbehoorlijk bestuur. Wel zijn besparingen en fusies denkbaar en noodzakelijk, want in het Regeerakkoord wordt uitgegaan van een besparing van 50 miljoen euro bij de publieke omroep in 2013, gevolgd door 100 miljoen in 2014 en 200 miljoen in 2015. De levensbeschouwelijke programma’s van de publieke omroep passen geheel bij de kernfunctie van een publieke taakorganisatie. Niet de kijkcijfers zijn bepalend bij het maken van programmatische keuzes, maar de inhoud. Dat is goed en dat moet zo blijven. Anders resteert straks slechts Hour of Power bij RTL 5: de kerk op tv door middel van ingekochte reclameminuten.
Peter Dekker is hoofd Nieuwe Media bij de IKON en tevens voorzitter van Stichting Zinzoekers op het Web. Dit artikel is op persoonlijke titel geschreven.
Ik giet mijn mening graag in een column die ik enige tijd geleden schreef:
Als geboren en getogen Hilversumse heb ik een haat-liefde verhouding met deze plaats om uiteenlopende redenen. Stammend uit een omroepnest ligt mijn grootste ergernis tegenwoordig wel bij de huidige generatie televisiemakers, omdat zij niet meer blijken te snappen waar het in wezen prachtige medium voor bedoeld zou moeten zijn: een venster op de wereld om de blik te verruimen, kennis te vergaren en daarmee inzicht te verkrijgen. Beeld en geluid zijn, na de stomme film, onlosmakelijk met elkaar verbonden, dus een mening over de kwaliteit van wat we te zien krijgen gaat eveneens over ons gehoor, als fijngevoelige schakel hoe we het gebodene tot ons nemen. Beide zintuigen hebben hun eigen tijd nodig om te kunnen focussen, die bij binnenkomst dan samen te ervaren en te verwerken. Dat die puur menselijk biologische feiten geen enkele waarde meer hebben voor programmamakers is even treurig als kwalijk, want het getuigt niet alleen van grote minachting voor de inhoud van de uitzending maar vooral voor de kijk/luisteraar die het moet zien te verteren.
Een voorbeeld: de serie “verhuizing naar de stilte” over de Cisterciënzer kloosterorde in Berkel-Enschot die door de toenemende geluidsoverlast van oprukkende bebouwing noodgedwongen moest verhuizen. Een leven in stilte en gebed leiden is de kern van hun communiteit. Een zuster zei wijs dat je je er wel toe kunt verhouden maar dat het evengoed zijn sporen nalaat. Het veelgehoorde argument uit de “zweefmolenhoek” dat de stilte in jezelf zit, gaat zelfs voor doorgewinterde meditatieve monialen blijkbaar niet op.
Dat dat maar weer eens even duidelijk gesteld mag zijn. Lawaai went nooit en is te allen tijden ongezond. Wat een voorrecht dat zij wel die keuze hebben naar de stilte te kunnen verhuizen. Absurd tegelijkertijd dat dat niet voor iedereen mogelijk wordt gemaakt.
Als de alles en iedereen overheersende geluidsoverlast in de bron en dus adequaat wordt aangepakt, hoeft niemand meer om die reden te verhuizen!
En wat doen de programmamakers van de RKK? Inderdaad: irritant storende muziek toevoegen aan een serie waarin stilte notabene cruciaal is! Het gesprokene dat daaruit voortkomt is belangrijker dan de beelden reeds tonen, door de kwetsbaar openhartige ontboezemingen van de nonnen, die zo mooi moedig en eerlijk vertellen over de persoonlijke gevolgen van de op handen zijnde verhuizing. Het is een ernstig teken aan de wand en wat mij betreft een dieptriest bewijs dat in de Hilversumse werkverschaffingsfabriek die omroep heet, programma’s slechts worden gemaakt door luidruchtige, ongeduldige, eigenwijze en van elke vakkennis gespeende egoïsten, als pure bezigheidstherapie op kosten van én ten koste van het publiek dat ze behoren te bedienen.
Het lijkt mij een geweldig baanbrekend experiment waard om “muziek”loze uitzendingen te gaan afdwingen in televisieland: dat de natuur weer als natuur mag klinken en mensen weer verstaanbaar zullen zijn. Dat ik me weer kan ontspannen en fantasievol mag inleven. En dat wel een jaar lang! Voor wie daar al jaren naar snakken eindelijk gerechtigheid. Wat de geluidverslaafden betreft, me dunkt, mogelijkheden genoeg om in de beslotenheid van de woning, naar persoonlijke dan wel familiesmaak, het bewuste programma geheel voor eigen rekening met muziek uit eigen doos ~leef u uit zou ik zeggen!~ op te leuken of om zeep te helpen.
Die uiterst persoonlijke scheidslijn is veel te dun om er argeloos en arrogant mee om te gaan, zoals Hilversum ons op dagelijkse basis laat horen en zien.
Annette Reinboud